|
Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat het gedrag van de huisduif aardig overeenstemt met dat van de rotsduif. Toch bestaan er wel verschillen tussen deze beide soorten. Dit betreft vooral de voortplanting. De meeste dieren die in een omgeving leven waar overvloed is, zijn seksueel actiever, broeden vaker en vermeerderen zich sterker dan hun stamvorm Dit is ook het geval bij huisduiven.
Daarnaast toont een aantal rassen een bijzonder gedrag, zoals klappen met de vleugels, ringslaan, opblazen van de krop, trommelen, hoogvliegen, langvliegen, rollen, tuimelen, duiken, zeilen, sidderen met de hals en hebben anderen een goed oriëntatievermogen.
Dit zijn gedragingen die al bij de rotsduif aanwezig waren en door eeuwenlange selectie door de mens tot volmaaktheid zijn ontwikkeld, of ze zijn ontstaan door een mutatie (plotselinge verandering van de erfelijke aanleg).
Bij onderzoek van de anatomie, fysiologie, vererving, fok, huisvesting, voeding, voeren en prestaties van duiven moet men rekening houden met hun gedrag.
Kennis van hun gedrag geeft meer kans op succes bij het verzorgen en fokken van onze duiven.
|

Ringslaan
|